Net zoals alle gebouwtechnieken, is ook de klimatisatiesector onderhevig aan constante verandering. Digitalisatie, slimme gebouwen en duurzaamheid zijn enkele van de grootste uitdagingen voor de toekomst. Vandaag al zie je dat de sector heel wat innovaties omarmt om klimatisatie-installaties ecologischer en energie-efficiënter te maken.

"Onder druk van de alsmaar strenger wordende regelgeving inzake duurzaamheid, zijn producenten en installateurs van klimatisatietechnieken genoodzaakt om continu te innoveren en flexibiliteit in te bouwen in hun oplossingen. Er bestaat niet één ideale oplossing. Producenten bieden verschillende oplossingen aan voor de verwarming, koeling en ventilatie van woningen en gebouwen. Afhankelijk van de eigenschappen van het gebouw is de installateur genoodzaakt om de beste oplossing voor elke specifieke situatie te selecteren.

Ik ben ervan overtuigd dat de sector zijn verantwoordelijkheid moet nemen in de verduurzaming van klimatisatie-oplossingen. Ik steun dan ook volop de Green Deal Klimaatvriendelijke Koeling die de Vlaamse Regering eind 2019 naar voren schoof in het Vlaams Energie- en Klimaatplan 2021-2030. Het doel is om tegen 2030 de inzet van F-gassen als koelmiddel in supermarkten en voedingswinkels af te bouwen en om te schakelen naar CO2-koelingen. Die zijn niet alleen milieuvriendelijker maar verbruiken ook minder energie.

Ik geloof bovendien sterk in geothermie als oplossing voor duurzame klimatisatie-technieken. De bodem is een heel interessant medium om warmte en koude op te slaan. Je kan een gebouw zo ontwerpen dat de warmtevraag in de winter in balans is met de koudevraag in de zomer. Toch heeft ook geothermie zijn beperkingen en kan het niet overal toegepast worden. Daarom zal naast passieve koeling ook actieve koeling de komende jaren nog zijn plaats blijven hebben in de markt. Dat geldt ook in het geval van passieve of bijna-energieneutrale (BEN) gebouwen die heel goed geïsoleerd zijn.

Met de continue evolutie in de woningbouw en de klimatisatiesector wordt het voor installateurs steeds moeilijker om de warmtevraag voor een gebouw in te schatten. Onder invloed van de BEN-normen wordt het vermogen om een gebouw te verwarmen steeds lager. In een gemiddeld appartementsgebouw ligt het vermogen voor sanitair water tot vier keer hoger dan het vermogen om te verwarmen. De rol van energieadviseurs wordt dan ook steeds belangrijker.

Ook de alsmaar toenemende invloed van digitalisatie is een extra uitdaging voor installateurs. Niet alleen de klimaatbeheersing en ventilatie, maar ook de zonnewering en de verlichting worden vaak aangestuurd via een intelligent gebouwbeheersysteem. De centralisatie van het energiebeheer komt ook de duurzaamheid van het gebouw ten goede. Met behulp van bewegings- en daglichtsensoren gekoppeld aan het beheersysteem, wordt heel wat energie bespaard. En dankzij een koppeling met een weerstation kunnen de zonwering en klimaatinstallaties automatisch aangestuurd worden.

Het is duidelijk dat nieuwe innovaties in de klimatisatiesector bijdragen aan het comfort en de duurzaamheid van gebouwen. Zowel producenten als installateurs hebben de verantwoordelijkheid om continu up-to-date te blijven van de nieuwste ontwikkelingen in de sector. Alleen zo kunnen ze voor hun klanten de best mogelijke oplossingen bieden op vlak van comfort, duurzaamheid en energie-efficiëntie.”